Translate

zondag 26 juli 2020

De mensheid is zelf de grootste uitbraak ooit





Mijn God, ik wil toch nog graag terugkomen op het onderwerp virussen. Ik heb net het boek gelezen van David Quammen, Zoönose, en ben eigenlijk verbijsterd over de informatie die hij de lezer geeft over alle wetenschappelijke onderzoeken naar zoönose, namelijk het overstappen van virussen en bacteriën van dieren naar mensen.
Er is een aantal belangrijke verschijnselen die hij beschrijft, ik noem er maar een paar, ik ga hier geen boekbespreking doen natuurlijk, ik kies uit wat me zo het meeste raakte of speciaal opviel.

De planten-, dieren en mensenwerelden zijn drager van duizenden bacteriën en virussen. En velen zijn onschuldig of zo dodelijk dat ze de drager snel en  grondig doden, waardoor er geen grote uitbraak komt, omdat de dragers allen zijn gestorven voordat ze het virus kunnen doorgeven, zoals Ebola in een afgelegen  Afrikaans dorp.

En hij beschrijft de verstoring van het natuurlijk evenwicht in de natuur, waardoor virussen en bacteriën op de raarste plaatsen ineens een grote uitbraak kunnen laten zien.
En hij noemt de gigantische reis- en handelsdrift van mensen, waardoor virussen en bacteriën op de voor hen raarste plekken op aarde kunnen belanden (en ongekende ,nieuwe kansen krijgen).
En hij noemt de enorme opeengepakte mensenmassa’s op markten en de handel in dode en levende dieren (gekweekt of uit de natuur gehaald), waardoor de oversprong van dieren naar mensen zoveel makkelijker is geworden.
Hij noemt ze allen voorwaarden voor de volgende grote virusuitbraak. 

Quammen beschrijft ook, hoe Sars, Hiv, Q-koorts en tientallen andere virussen werkzaam zijn, grootschalig  uitbreken en vervolgens met man en macht door de mens worden bestreden. Meestal lukt dat wel.
Maar we weten dat we nu midden in een Coronacrisis zitten, waarvan het einde nog niet in zicht is. Eigenlijk voorspelt hij in 2013 al deze crisis, letterlijk zegt hij : ( p 196),

Had het virus (hij heeft het over Sars) een ander soort grote stad (hij heeft het over Hong Kong) aangestoken – een losser bestuurde stad, vol armen en zonder uitstekende medische instellingen – dan had men dit vuur vermoedelijk niet kunnen bedwingen en had het als een uitslaande brand voortrazend virus zich onder een veel groter deel van de mensheid kunnen verbreiden.

Dit is alles maar inleiding voor mijn vraag. Want het meest schokkend vind ik zijn opmerking aan het eind van zijn boek dat eigenlijk de mens beschouwd kan worden als de grootste uitbraak ooit in de geschiedenis van de aarde, een alles vernietigende en overheersende uitbraak van een soort die zijn weerga niet kent. En terloops maar het past natuurlijk helemaal in de strekking van zijn boek, zegt Quammen: “ zijn uitbraken door moeder natuur altijd rigoureus en succesvol bestreden met onder andere virussen die snel en meedogenloos zo’n uitbraak (tot nu toe onder dieren) in de kiem smoren”.

Zou U hier in willen gaan op dat woord uitbraak dat hij gebruikt voor de zo door U gekoesterde mensheid?

Dat doe Ik , mijn zoon.
De geestelijke wereld gebruikt dit woord niet voor de zo door Ons gekoesterde mensheid. Het past wel volledig in het door God gemaakte plan voor de aarde.
Maar ook moeder natuur wordt zeer door Ons gekoesterd en Wij zien waar de mensheid nu mee bezig is. En Wij zien de doodlopende weg die de mensheid bewandelt.

Uitbraak is een term die graag gebruikt wordt door biologen, die meer houden van de dieren- en plantenwereld dan van de mensheid. De mens die de aarde bevolkt en nu sinds een kleine tweehonderd jaar óverbevolkt zal de oorzaak zijn van zoveel vernietiging van planten- en diersoorten en van de grootste vervuiling ooit van het hele milieu.

Jij vindt het schokkend om het woord uitbraak te gebruiken voor de excessief groeiende mensheid en Wij vinden de term niet erg liefdevol.

Dit gezegd hebbend, hoe we het ook noemen, zo zal het gaan. Want uiteindelijk gaat het niet om hoe de dingen heten maar wat er echt gebeurt. En David Quammen beschrijft de totale kwetsbaarheid van de mensheid, het enorme risico op alles vernietigende virusuitbraken en de crisis voor de mensheid die nog nauwelijks is begonnen.

God zal in liefde alle mensen ontvangen die massaal voortijdig de aarde zullen verlaten en moeder natuur zal de bijna volledige vernietiging van haar Lichaam aanwenden voor een nieuwe explosie van leven en variëteit van soorten. En God en de mensheid en moeder natuur zullen daarna bijdragen aan een volmaakte harmonie tussen de mensheid en de natuur. Zo zal het gaan.
David Quammen is gezegend om zijn inzichten.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 485

dinsdag 21 juli 2020

Redt de mensheid het wel?



Ik wil U vragen. Redt de mensheid het wel?
Er zijn zoveel problemen, de milieuvervuiling, de gigantische overbevolking. de Coronacrisis, de economische gevolgen van de Coronacrisis. Iedereen is er ook zo bezorgd om, hoe we verder moeten met zijn allen? Ik vind zoveel mensen zo intens bezorgd, en niemand ziet een uitweg, lijkt het. Redt de mensheid het wel?

En het eind van de problemen is nog niet in zicht.

Wat is jouw reactie  als het te moeilijk wordt in jouw leven, als de problemen je overspoelen, als je niet meer weet wat te doen? En je hebt dat een paar keer meegemaakt, Mijn zoon, dus je kunt spreken uit ervaring. Wat deed je toen in die crisismomenten?

Ach, ik weet al waar U heen wilt.
Ik onderging alles gelaten. Ik leefde op het moment. Ik bad veel. Ik vroeg U om kracht. Ik leefde met de dag. Ik probeerde toch nog mijn zegeningen te tellen. Ik probeerde mijn innerlijk te bewaken, en zei tegen mezelf: “als jij onderuit gaat heeft helemaal niemand wat aan je, en jijzelf evenmin”. Dus ik probeerde alles te relativeren en mezelf niet gek te laten maken, zoals ik dat voor mezelf noemde. En het voornaamste, ik probeerde matig te zijn met alles want een overdaad aan eten of alcohol bracht me helemaal van het padje.

En zo zal de mensheid het doen. Ze zal het redden, ook als de moeilijkheden nog groter worden, als de problemen de mensheid overspoelen, als er geen uitweg meer lijkt, dan zal de mensheid het ondergaan, het doorstaan, er sterker uitkomen.
Wees gerust Mijn zoon, wees gerust, het leed van de wereld rust niet op jouw schouders, maar op de Mijne, en alles verloopt volgens Plan.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 484


zondag 5 juli 2020

Ziekenbezoek door God


Mijn vader had een lang uur zitten zwijgen bij mijn bed.
Toen hij zijn hoed had opgezet
zei ik, nou, dit gesprek
is makkelijk te resumeren.
Nee, zei hij, nee toch niet,
je moet het maar eens proberen.

Judith Herzberg (gedicht nr. 4501)

Denkt U, goede God, dat U hier op in wilt gaan?

Dat wil Ik.

Ik zit bij jou en zwijg.
En dikwijls reageer je niet of luister je niet naar Mijn stilte en aanwezigheid.
En heel dikwijls spreek je niet tegen Mij.
En dan resumeer je dat je alleen bent  geweest, en dat er niets gebeurd is.

En nu zeg Ik tegen jou, goed en dierbaar en onwetend kind van Mij:
Wat er gebeurt tussen ons, kun jij niet resumeren.
Je zou het kunnen proberen.
Maar het is te groots, teveel, te belangrijk, te geestelijk dat je er ook maar iets van kunt bevatten.

Ik ben hier. En Ik koester jou. En Ik houd van je. Ik houd je in Mijn hand. Ik koester jouw hart in Mijn hart. Je bevindt je in Mijn boezem.
En alles is groots, en geestelijk en liefderijk en imposant en eeuwig wat er tussen ons gebeurt.
En jij mens bent een levend wonder van creatie en evolutie en van schoonheid en van mogelijkheden.

Jij en jouw medemensen beseffen het niet.
De mens kan het niet resumeren.
Het is te groots wat de Vader-Moeder God doet.
Het is te ingrijpend, zeker als Wij aan jullie ziekbed zitten.
Judith Herzberg is gezegend.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 483
 

 

zondag 21 juni 2020

Wee degenen die leed veroorzaken op aarde



Aan het eind zijn drie dingen belangrijk: hoeveel je hebt liefgehad, hoe zachtaardig je leefde, en hoe bevallig je de dingen losliet die niet voor jou zijn bedoeld (Gezegden van de Boeddha)

Mijn God, zou U hier op in willen gaan?

Mijn zoon, dat is niet nodig. Kan de boodschap van de goede God aan de mens duidelijker, eenvoudiger en krachtiger weergegeven worden dan door deze woorden van de Boeddha?

Toch wil Ik er dit aan toevoegen: wee degenen die ernstig gefaald hebben in liefhebben, zachtaardig leven en accepteren wat het leven hen bracht. Wee degenen die dood en verderf en verdriet en frustratie en leed hebben aangedaan aan de wereld, aan de natuur, aan hun medemens, aan hun innerlijk. Wee diegenen en hun pijnlijk pad in de geestelijke wereld.

Weliswaar worden ze met liefde en zachtaardigheid en acceptatie ontvangen in de geestelijke wereld. Hun aankomst zal zo zijn, maar het zal een pittige aankomst zijn want God is liefdevol en zachtaardig en alles-accepterend.

Maar hun weg vervolgens van verstarde en ontspoorde persoonlijkheid, die nooit geluisterd heeft naar de zachte wenken van God, de ziel en de beschermengel, zal noodzakelijkerwijs gepaard gaan met ernstig verdriet, wanhoop en spijt. Wee hun grote verzet tegen de confrontatie met het leed dat zij hebben aangedaan, wee hun daarop  volgende pijnlijke inzichten.
Er is geen groter leed in de kosmos dan het langdurend ondergaan van kwellende spijtgevoelens.

Zo wacht de Deva van de olifanten met wijsheid en geduld èn met gepaste maatregelen op de man die nu op aarde leeft en er trots op is 20 olifanten in 75 minuten te hebben afgeschoten. Vreselijk leed voorzien Wij voor hem, na wat hij heeft gedaan.
Maar uiteindelijk zullen de wetten van God hen, verlorenen, helpen van hun hel naar een leven van liefde en licht, maar het  is altijd een zeer lange en uiterst pijnlijke weg.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 482

zondag 31 mei 2020

De liefde van de Moeder-God, Troosteres en Moeder voor allen die lijden




Mijn goede God, een vriendin van mij, vertelde me, dat ze weer in het leven aan het zompen was zoals wij dat noemen. Slachtoffer uithangen, verzuchten dat het leven te zwaar is, zwelgen in eigen ellende en leed en gewoon somber zijn. Ze zei toen tegen haar God : “Geef me maar liever een schop onder mijn kont!”.
Toen hoorde ze een liefdevolle stem tegen haar zeggen:

“Wij bemoedigen je liever met een zetje in jouw rug”

Ze begreep toen dat ze weer eens liefdeloos naar zichzelf had gekeken, Ze voelde een enorme liefdevolle energie om haar heen, terwijl ze die woorden hoorde. En zij wist dat U met oneindige liefde en een groot geduld en veel begrip met ons omgaat.
Zou U hier iets over willen zeggen?

Mijn Zoon, het is Pinksteren. Dit is een mooie Pinksterboodschap van de Moeder-God.

Wees gerust mijn kinderen.
Ik houd van jullie.
Jullie worden gekoesterd.
Jullie worden gezien.
Jullie zijn Mijn kinderen.
Jullie worden in liefde ontvangen.
Jullie worden in liefde gesteund.
Jullie worden in liefde begeleid.
Jullie worden in liefde geschapen.
Jullie worden tijdens jullie leven in liefde gesteund.
Jullie worden na jullie fysieke dood in liefde ontvangen.
Zijn jullie niet  Mijn geliefde kinderen?

Ik ben de Moeder-God.
Ik ben de Geest van liefde.
Ik ben Pinksteren.
Ik ben jullie Toeverlaat.
Ik ben jullie Steun.
Ik ben jullie Troosteres.
Ik ben jullie Hoedster.
Ik ben de Heilige Geest die op aarde rondwaart met Haar zegeningen.
Ik ben de Milde Duif.
Ik ben jullie Vrede.
Ik ben het Heilige Hart.
Ik ben jullie Poort tot de eeuwigheid.
Ik wacht op jullie vragen.
Ik zend jullie Mijn Energie.
Ik ben de Vrouwe.
Ik ben  de Godin.
Ik ben de Hoedster van profetessen.
Ik ben de Maria van alle godsdiensten.
Ik ben de Eeuwige Moeder.
Ik ben jullie Baarmoeder.
Ik ben jullie Hart.

Aldus de Moeder-God, ook de Geest van Pinksteren.
Jouw vriendin is gezegend om haar openheid.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 481
 

 

vrijdag 22 mei 2020

God is wordende in de mens (Wilt U met mij praten, vroeg ik aan God, 5)


In ons gesprek vertelde U me dat U ook zich ontwikkelt. Ik vind dat nog steeds vreemd want U bent toch alwetend en alles kunnend en volmaakt en almachtig? Nou ja, en meer van dat soort termen. In de Koran en de Thora staan geloof ik meer dan honderd bijnamen van U. Dus hoe kunt U nu lerend zijn en wordend? Zou U daar op in willen gaan?

Mijn goede zoon, laat dit nu net één van Mijn favoriete onderwerpen zijn. Daar ga Ik graag op in. God is almachtig en alwetend. Laat dat gezegd zijn. Toch, wat denk je als er een kosmos wordt geschapen, een planeet of een dierensoort? Of een mens wordt geschapen zich ontwikkelend van voormalige aap tot vergeestelijkt wezen? Dan is God aan het scheppen. En de scheppingsgedachte is volmaakt. Het ideaal is geformuleerd. Het einddoel staat vast. Alleen de weg ernaar toe vindt plaats door het grote instrument van het scheppen en een hulpmiddel is de evolutie.

Er is toch niets heerlijkers, voor mens, voor dier en plant en microbe om een zeker gevoel van zelfstandigheid te hebben, een zeker gevoel van verantwoordelijkheid, iets uit te proberen, iets te maken en te oefenen en zich in te spannen, iets uit te zoeken. En God wil dat ook. Omdat door het samenspel, door de samenwerking, door het samen optrekken van Schepper en Schepsel een bond, een diep contact, verbondenheid ontstaan. Noem het Liefde. En God is Liefde. Liefde is de wet. Liefde is de kernenergie van de kosmos. Liefde is de kern van het leven.

Dus ook de Schepper leert en ontwikkelt zich en wordt. Brengt ons dat niet dichterbij?

Wees jullie allen gezegend

Nr. 480

dinsdag 19 mei 2020

Ook Wij hebben intervisieclubjes (Wilt U met mij praten, vroeg ik aan God, 4)



In dat ene gesprek met U, mijn God, kwam ook dit ter sprake, ik vroeg me af of U eenzaam kon zijn?


Ach, mijn jongen, dat vond ik zo schattig van je, dat je zoiets vraagt aan Mij. Zo ben je Me zo nabij, zo’n moment koester Ik, kostbaar en liefdevol en intiem moment met jou.

Hoe kan God eenzaam zijn? God heeft Diens macht en pracht gedeeld met de miljarden Godsvonken in de kosmos, die onlosmakelijk en onvoorwaardelijk en volledig en intens altijd met elkaar verbonden zijn in Liefde en Bewustzijn en Licht. Dan kan Men niet eenzaam zijn. En zelfs in de lange en geduldige begeleiding door een Godsvonk van Diens mens op een evolutionaire planeet is de  Godsvonk constant verbonden met de Anderen en met God Zelve.

Deze prachtige en bovenaardse Band laat ik nu rusten en hoe dat in zijn werk gaat, dat is niet te bevatten voor een eenzaam levend, ogenschijnlijk afgescheiden, evolutionair wezen op een fysieke planeet. Maar Ik doe Mijn best met jou en de blogs om een en ander uit te leggen. Toch zijn er nog twee dingen te vertellen.

Jullie hebben op aarde intervisie. Het staat voor in vertrouwen samen kijken naar de dingen waar je mee bezig bent en daar vrij en liefdevol over praten, in gelijkwaardigheid en respect.

Wat denk je, Mijn zoon, zouden Wij Godsvonken niet ook zoiets kunnen gebruiken? En zo is het ooit gearrangeerd. Ik neem deel aan vele verbanden maar rond Mijn werk met jou tref Ik regelmatig een groep andere Godsvonken die met een min of meer vergelijkbare opdracht bezig zijn. Want Mijn werk met jou bestaat uit: het geduld dat Ik opbreng, het voorzien hoe jij vastzit, of je verder bijna hopeloos vastwerkt in gehechtheden, Mijn meeleven met het verdriet en de pijn en de angst die horen bij het menselijk bestaan en het menselijk tekort. Dit zijn elementen van een spannende en veeleisende en soms moedeloos makend kaliber. Ja soms moedeloos makend en misschien wel eenzaam-achtig. En dan is het heerlijk om dit te delen. En inspiratie op te doen, ja echt!

En Ik hoop niet dat iemand beledigd wordt door het volgende. Maar Wij lachen heel wat af. Onze situatie, wat Wij meemaken met Onze mens, de hilarische situaties en anekdotes maken dat Wij veel lachen samen. Oh nooit uitlachen, maar “wie lacht niet die de mens beziet” verzuchtte ooit iemand op aarde. En Wij Godsvonken zijn het er mee eens. Want de geest van humor is niet alleen op aarde een zeer gewaardeerde levenskameraad.

Zo is één van Mijn grappige verhalen hoe onbeleefd en respectloos jij me afkapte onder de douche toen we met elkaar in gesprek waren. Alsof je tegen een jongetje op straat zei “ga nou maar weer lekker spelen hè!”. Natuurlijk maakte je daarna jouw excuses, maar toch het was hilarisch hoe jij als klein en machteloos schepsel jouw schepper in een onnadenkend moment wegzette. Letterlijk zei je “nou ik ga verder” maar hoe je dat deed, daar schaterlachen Wij nog steeds om, als Ik het in geuren en kleuren uit de doeken doe. Voel je niet ontriefd door dit verhaal, Mijn zoon, dat is niet nodig.


Wees jullie allen gezegend

Nr. 479