Translate

maandag 29 november 2021

De vrijheid van de mens tussen ervaren en het denken (Krishamurti)



Kan er een ruimte, een interval zijn tussen de zintuigen en het denken? Kan men er naar kijken niet vanuit de wil maar vanuit volle aandacht? En kan men niet geïdentificeerd blijven met deze zintuigen en zich niet afvragen ‘ik wil dit hebben?’ (Krishnamurti)

Ik zag op youtube een video van de hoogbejaarde Krishamurti die aan het eind van zijn overweging deze woorden sprak. Het raakte me erg omdat ik ineens zo voelde dat daar de sleutel ligt van heel veel lijden en ontspoorde begeerte en materialisme. Zou U hier op in willen gaan?

Dit is zeker een sleutel en Ik ga er graag op in.

De zintuigen gebruiken houdt in dat de mens alle schoonheid en alle rijkdom van het volle leven met de zintuigen ziet, voelt, beleeft en geniet. Dat is een eenvoudig feit, zegt Krishamurti,  en dit geldt voor allen. Wat gebeurt er daarna?

De zintuigen prikkelen gedachten en gevoelens en dan ontstaat begeerte, men wil het hebben. Maar het is inderdaad mogelijk voor de mens louter bij de zintuigen te blijven, en een ruimte te koesteren tussen de zintuigelijke gewaarwording en de begeerte/gedachte daarna. En men kan hier naar kijken naar die ruimte zoals men de blauwe lucht ziet tussen de wolken. En men kan dit doen zonder wilsinspanning, zonder moeite, zonder inspanning, maar met de grootste aandacht.

In die ruimte tussen  zintuigelijke gewaarwording en denken/voelen zit de vrijheid van de mens en de geestelijke opdracht. In die ruimte kan men blijven met aandacht en zo voorkomen dat men geïdentificeerd raakt met het object en voorkomen dat men het wil hebben, wil bezitten, wil behouden. En dus ongelukkig worden als men het niet heeft of krijgt.

En men zal dan gelukkig blijven omdat men alleen maar ervaart, niet wil. Op deze wijze wordt vrijheid gekoesterd, “bezetenheid” voorkomen en kan men gelukkig zijn met de gewaarwording zonder meer, kan men blijven genieten met lege handen en een vrije houding.

Krishnamurti is gezegend.

Wees jullie allen gezegend

Nr. 518

woensdag 10 november 2021

Hoe liefdevoller de goede daad, hoe krachtiger de duivel zal reageren (Sevdaliza 2)


Every level has his devil (Sevdaliza)

 Mijn God, deze wijze vrouw sprak deze woorden uit en ze klinken bijna humanistisch. Elke taak kent zijn obstakels en hoe moeilijker iets is des te groter zijn de op te lossen problemen. Zoiets. Maar toevallig ga ik de laatste tijd nogal intensief om met mensen die vanuit hun geloof alle tegenvallers, alle problemen, alles wat mislukt, alle obstakels heel direct toeschrijven aan de duivel, en dat lijkt me nou ook weer wat teveel van het goede.

Immers, een aardbeving, een muis die wordt opgegeten door een uil, een dag dat de dingen niet zo lukken, het lijkt me dan teveel eer voor de duivel om daar alles aan toe te schrijven. Het leven op aarde, de evolutie, de dagelijkse gang van zaken worden toch ook gewoon gekenmerkt door dingen die niet goed gaan, door mislukkingen, door moeilijkheden, dat hoort toch ook gewoon bij het aardse leven?

Zou U hier wat over willen zeggen?

Dat doe Ik graag, mijn zoon.

Het is inderdaad teveel eer voor de duivel om alle moeilijkheden aan dat wezen toe te schrijven. “Shit happens”, zullen We maar plat zeggen. En je hebt eigenlijk al zelf antwoord gegeven. Soms is iets negatiefs of een ziekte juist een noodzakelijkheid of een zegen.

Maar er is natuurlijk altijd meer over te zeggen.

Ik wil Ik de opmerking van Sevdaliza heel concreet toespitsen op het verrichten door een mens van een goede daad, die God welgevallig is en de mens dichter bij God brengt. Dit genereert vervolgens de haat van de duivel tegen deze stap. Want de duivel wil de mens juist weghalen bij God.

Wanneer mensen een goede daad verrichten worden zij automatisch bezocht door de duivel. Dit betreft zowel gelovige als  ongelovige mensen. De duivel ziet niet graag goede daden verricht. En hij zal proberen ze te straffen, door een kras op een auto, door een glas dat omvalt, door een onverwachte tegenvaller, door een teleurstellende ontmoeting. En het komt voor, dat mensen direct het  verband zien, maar ze kunnen verkeerde conclusies trekken.

Ze doen iets goeds en maken daarna iets vervelends mee en neigen ernaar te concluderen, zie je wel, al te goed is buurmans gek, of je kunt het beter laten.

Maar het  is echt beter als de mens goed doet, hoe dan ook.

Toch heeft de geestelijke wereld liever dat het beestje bij de naam wordt genoemd. We hebben het liefst dat de mens,( maar het vraagt wijsheid wanneer dat kan worden verzucht en wanneer niet) dan zegt “Oh de duivel wil het mij lastig maken dat kinderachtige wezen, nou dan ga ik nog harder goede daden verrichten, hij krijgt mij niet klein”. En God ziet liever niet dat de mens dan nog harder vlucht in egoïsme, want dat is helemaal een doodlopende weg.

De moraal van het verhaal is, dat een mens niet argeloos moet zijn.

Als men goed doet, krijgt men tegenstand maar die tegenstand moet een mens aansporen tot nog meer goede daden. Dat is de geestelijke weg van de mens en God ziet dat graag.  Het is dus een grote leidraad voor het leven, dat men moet verwachten dat hoe grootser de daad, hoe moeilijker de taak, hoe groter de tegenstand. De tegenwerking hoort er gewoon bij en men daar op kan wachten en men moet zich echt niet laten tegenhouden erdoor.

Sevdaliza is gezegend.

Wees jullie allen gezegend

*Nederlands VPRO programma 8 augustus 2021

Nr. 517